zondag 14 september 2014

Mwoah-jam

“Jaja” dacht ik eerst nog, toen mijn schoonmoeder vertelde hoeveel lekkere jam ik kon maken van al die vlierbessen om de boerderij. “Ik heb even andere prioriteiten”. We hadden de meeste bramen al geplukt en zelfs behoorlijk wat peren van de wespen gered dus ik vond het wel even goed dit jaar. Maar toen die bessen maar bleven lonken en ik op internet las hoe gezond ze wel niet waren, leek een middagje met de kinderen me een goed moment om de gok toch maar eens te wagen.

Ik plukte de meest rijpe exemplaren - waarvan er al veel door vogels waren opgegeten - kookte ze met wat suiker, appelsap en appelschil naar een recept op internet in tot een heuse vlierbessenjam. Ik dacht van tevoren wel twee glazen potten te kunnen vullen met al die bessen – ik had zelfs de grootste exemplaren uitgezocht – maar het werd er maar één, en dan slechts voor de helft. Het zag er wat lullig uit.

Maar wat nog veel erger was: de jam smaakte mwoah. Niet om over naar huis te schrijven. Toen we croissants aten, smeerden we toch liever supermarktjam, dat idee. Ondertussen stond de halfvolle pot vlierbessenjam ons steeds als we de koelkast open deden verwijtend aan te kijken. “Had ons dan niet geplukt”, leken de bessen te willen zeggen. Sja. Hm. Nou. Sorry. Gelukkig vond ik er vanochtend een hele goede bestemming voor: de appelcrumble. Smaakte heerlijk (vonden ook man, kinders en de aanwaaiende (schoon)ouders). Pfieuw.  En pas volgend jaar weer een herkansing... 

 
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten